//
you're reading...
programmatoelichtingen

‘Dit is het geluid van mijn onrust’

flyer‘Ludwig van Beethoven woonde in de zomer van 1803 in dit huis en werkte hier aan de “Eroica”’. Dit staat op een bordje op de gevel van een huis in Döbling, toentertijd een dorp, nu een wijk van Wenen. Onlangs had ik het geluk in Wenen te zijn en heb er verschillende plekken waar Beethoven leefde kunnen bezoeken. Iedereen die ooit in Wenen geweest is, weet dat de stad vol hangt met ‘Gedenktafeln’ waarop aangegeven staat welke beroemdheid er op die plek gewoond heeft en wanneer. Regelmatig ook staat er geschreven: ‘Op deze plek stond tot een bepaald jaar het huis waar deze of gene componist woonde of werkte…’ Veel van de plekken die verbonden zijn met Beethovens derde symfonie zijn te bezoeken: van het Eroica-huis (nu een museum) naar de ruimte waar de eerste privé-uitvoering (Stadspaleis Lobkowitz) en waar de eerste openbare uitvoering plaatsvond (Theater an der Wien, nog steeds theater), om ten slotte te eindigen op de plek waar Beethovens partituur wordt bewaard (in het archief van het Gesellschaft der Musikfreunde) of bij het grote Beethoven Denkmal tegenover het Konzerthaus. Zo kun je ook de ‘genius loci’ bezoeken waar Mozart geleefd heeft. Enkele van deze plekken zijn nu zogenaamde ‘Musikerwohnungen’, in beheer van het Wien Museum. Ik heb gelopen waar de componist gelopen heeft, ben door dezelfde deur gegaan, heb dezelfde trap beklommen en ik heb door hetzelfde raam naar buiten gekeken. Dat het uitzicht toentertijd anders was dan nu wordt gecompenseerd door tentoongestelde prenten en aquarellen uit die tijd. Veel moeite wordt gedaan om de bezoeker zich in de nabijheid van Mozart en Beethoven te laten wanen.

Het is een manier om je voor te stellen in welke tijd en plaats bepaalde muziek ontstond. En wil je je verbeelding nog een handje verder helpen om je voor te stellen hoe het was in de tijd van zijn ontstaan, dan kun je naar de film Eroica – The day that music changed forever (2003) gaan kijken. Deze film is een reconstructie van de eerste privé-uitvoering, eigenlijk een eerste repetitie in het stadspaleis van prins Lobkowitz. De prins had enkele vrienden uitgenodigd om kennis te maken met de nieuwste symfonie van Beethoven. Tijdens de film wordt de gehele symfonie gespeeld (een exclusief voor de film gemaakte opname door Sir John Eliot Gardiner met zijn Orchestre Révolutionnaire et Romantique) en op de gezichten van de aanwezigen zien we hun emoties bij het luisteren. De film is gebaseerd op de van die dag overgeleverde verslagen.

In de films Amadeus (1984) en Immortal Beloved (1994) wordt ons vooral een beeld gegeven van het leven van respectievelijk Mozart en Beethoven. Het beeld dat in Amadeus van Mozart geschetst wordt, is dat van een onhandig giechelende man, een feestende, verkwistende, niet-zakelijk maar hard werkend genie. Niet Mozart, maar zijn tijdgenoot, de componist Antonio Salieri is de vertellende personage. Aan het eind van zijn leven, lang na de dood van Mozart, beschrijft Salieri zijn jaloezie. Salieri wilde de grootste componist van zijn tijd zijn, maar in Mozarts muziek hoorde hij de stem van God, herkende hij Gods incarnatie. Niet Salieri, maar Mozart was door God als instrument gekozen. De muziek wordt hier heilig verklaard: het was Gods adem aan Mozart gedicteerd. Mozart was dan wel een mens van vlees en bloed, zijn muziek was dat niet. Wat hier zichtbaar wordt, is een breuk tussen het leven van de componist en de muziek die hij schreef, een mysterie.

In de film Immortal Beloved wordt een poging gedaan een relatie te leggen tussen Beethoven als mens en de muziek die hij componeerde. De film begint met de begrafenis van Beethoven. Anton Schindler – zijn vriend en secretaris – neemt de taak op zich de laatste wens van Beethoven te vervullen en gaat op zoek naar de ‘onsterfelijke geliefde’ aan wie Beethoven alles heeft nagelaten. Aan één van de vrouwen die hij tijdens zijn zoektocht aandoet, vertelt Schindler over zijn beweegredenen om zich zoveel moeite te getroosten: ‘Ik mocht de repetitie [van de Kreuzersonate] bijwonen. Daar ontstond het mysterie dat me tot op de dag van vandaag niet loslaat.’ We zien een flashback naar die repetitie. Schindler zit op een stoel te luisteren. Beethoven komt achter hem staan en vraagt hem zijn mening. ‘Wat denk jij? Muziek is ontzagwekkend. Wat is het? Ik begrijp het niet. Wat doet het?’ Schindler antwoordt: ‘Het verheft de ziel.’ Beethoven: ‘Complete onzin! Wanneer je een mars hoort, wordt dan je ziel verheven? Nee, je marcheert. Wanneer je een wals hoort, ga je dansen. Wanneer je een mis hoort, ga je ter communie. Het is de kracht van muziek om iemand direct in de gemoedstoestand van de componist te brengen. De luisteraar heeft hierin geen keuze. Het is als hypnose. Dus… Wat was in mijn gedachten toen ik dit schreef? Hmm? Een man probeert zijn geliefde te bereiken. Zijn rijtuig is in de regen kapot gegaan. De wielen zitten vast in de modder. Zij zal slechts een bepaalde tijd wachten. Dit is het geluid van zijn onrust.’

Bijna alles in dit filmcitaat is van belang. Beethoven stelt niet de vraag naar de betekenis van de muziek. Beethoven vraagt met ‘Wat is muziek?’ naar wat muziek doet. Wat wordt hiermee bedoeld? Misschien wordt dat wel het duidelijkst door een ongebruikelijk gedachtenexperiment uit te voeren. Je kijkt bijvoorbeeld naar de film The Godfather (1972) van Francis Ford Coppola met muziek van Nino Rota. Stel: iemand zet het geluid af en je moet verder kijken, wel met ondertiteling, maar zonder geluid. Het verhaal kun je nog steeds volgen. Maar wat mis je? Wat is het dat muziek in films zo een grote, dragende kracht kan zijn?

Charles Rosen, pianist en schrijver over muziek, schrijft in zijn toelichting bij Don Giovanni dat muziek vaak wordt geprezen omdat het de meest abstracte kunstvorm is. Muziek bestaat namelijk niet bij de gratie van een verwijzing naar iets buiten zichzelf, zoals bijvoorbeeld bij realistische schilderkunst wel het geval is. Daardoor is de vraag wat de muziek betekent ook nauwelijks te stellen. Rosen vervolgt: ‘Muziek is echter de minst abstracte kunst in die zin, dat er een directe fysieke aanval wordt ondernomen op de zintuigen van de luisteraars. […] Legt men de nadruk op deze fysieke directheid van muziek, dan treedt het erotische aspect ervan meteen op de voorgrond.’ Bij Immortal Beloved komt dit aspect van muziek al vroeg in de film ter sprake, wanneer gravin Julia Guicciardi – Gallenburg zegt: ‘Ik had gehoord dat zijn muziek zo’n passie opwekt dat het gevaarlijk is. Sommigen vonden het obsceen en ongeschikt voor jonge mensen.’ Het luisteren naar muziek wordt bijna als een zonde omschreven. Maar pas wanneer deze sensualiteit onderkend wordt, zegt Rosen, kunnen we beginnen te begrijpen waarom het materiaal gevormd is tot de vorm die het heeft gekregen. De eerste toegang tot het begrijpen van muziek is niet de kennis van de context of de structuur van een compositie. En het gaat ook niet over de verheffing van de ziel als ultieme doel. Het is de zintuiglijke directheid. Het geluid dat jou doordringt en je doet voelen.

Of dit ook leidt naar wat de componist je wil doen voelen is een andere vraag. Beethoven stelt in Immortal Beloved aan Schindler de vraag wat hij in gedachten had toen hij de eerder genoemde passage uit de Kreuzersonate schreef. In de film Eroica zegt Haydn na het beluisteren van de nieuwe symfonie: ‘Erg lang. Erg vermoeiend. Ongebruikelijk? Hij heeft iets gedaan dat geen enkele andere componist heeft geprobeerd. Hij heeft zichzelf in het middelpunt van zijn werk gesteld. Hij geeft ons een glimp van zijn ziel.’ Op Haydns vraag wat het onderwerp van de symfonie is, antwoordt Beethoven: ‘Heldendom’, de titel van de symfonie, meer niet. Beethoven vraagt dan wel aan Schindler zich een idee te vormen van wat hij in gedachten had toen hij componeerde. Maar op zijn beschrijving van zijn rit door de regen na, geeft Beethoven dit niet bloot. Het is aan de luisteraar om met de muziek mee te gaan en om zonder gebruik te maken van woorden, beelden of genius loci, de kracht van de muziek zelf mee te voelen met de kennis uit zijn eigen leven. Ik hoop dat u zich aan deze fysieke aanval durft over te geven.

_____________________________________

Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)
Ouverture tot het dramma giocoso Don Giovanni (1787)

Nino Rota (1911-1979)
Divertimento Concertante voor contrabas en orkest (1967-1971)
1. Entrada: Allegro Maestoso
2. Marcia: Alla Marcia, allegramente
3. Aria: Andante
4. Finale: Allegro marcato

Ludwig van Beethoven (1770-1827)
Symfonie nr. 3 in Es-groot, op. 55 ‘Eroica’ (1803)
1. Allegro con brio
2. Marcia Funebre: Adagio assai
3. Scherzo: Allegro vivace
4. Finale: Allegro molto

foto's Jan Wijnen

foto’s Jan Wijnen

Advertenties

Reacties

Een gedachte over “‘Dit is het geluid van mijn onrust’

  1. mooie, inspirerende tekst en leuk die foto’s erbij.
    coby

    Geplaatst door cobywijnen | 18 november 2013, 17:16

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Advertenties